Op het Nieuw-Guinea eiland zelf worden de muziekinstrumenten hoofdzakelijk door mannen gemaakt en bespeeld. Vrouwen gebruiken uitzonderlijk een instrument ter begeleiding van een lied tijdens groepsrituelen. Op de andere eilanden rondom ( nu ook behorend tot Papoea Nieuw Guinea ) is dit niet het geval. Vrouwen spelen er bv. ook spleettrommels.
ADMIRALITEITS EILANDEN: BIPI & MANUS (Staatkundig deel van PAPOEA NIEUW-GUINEA) ______________________________________________________________________________
PAPOEA-MUZIEK VAN DE EILANDEN BIPI EN MANUS
--------------------------------------------------
1. Hanan ( muziek voor inwijding van een huis of kano) (gelijksoortige muziek bij aankomst v.e. vreemdeling en bij zuiveringsrituelen) Vrouwen- en kinderkoor (40-tal deelnemers) met 4 solisten (2 elkaar afwisselende paren): diafone muziek. Omwille van de koncentratie, nodig om de dissonante intervallen exact te zingen, houden de vrouwen 1 oor met de vinger dicht. De tekst handelt over de verdiensten van de bouwers van bv. het huis en over de degelijkheid van het artefact. E{n van de 4 solisten leidt de choreografie van de groep: de struktuur van het ritueel en van de muziek wordt cyclisch herhaald. Slagwerkensemble bestaande uit 5 spleettrommels van verschillende grootte.
2. Klaagzang: diafoon (2 paar vrouwen)
3. Klaagzang van twee vrouwen, die niet bij het lijk van een aanverwante kunnen zijn.
-------------------------------------------------------
4. en 5. : Slagwerkensemble bestaande uit 6 spleettrommels van verschillende grootte
6. Lied voor de bruidschatceremonie, gezongen door 2 mannen, die het bruidsfeest aankondigen
7. Drie korte dodenliederen, gezongen door twee vrouwen tijdens de dodenwake (tekst handelt over mythische vogels) 8. WALLEYEH, vruchtbaarheidslied voor een nieuwe tuin, gezongen door twee mannen
***
PAPOEAMUZIEK VAN HET BOUGAINVILLE EILAND (Solomoneilandengroep)
1. BIRONG, een klaagmuziek voor o.a. begrafenisrituelen, gespeeld door het KOBI orkest:
-22 panfluiten met twee rijen pijpen (4 per rij). De eerste rij pijpen zijn onderaan dicht, de tweede rij open- 2 KAVARONTA, of "trompetten" (de trompetten zien eruit als panfluiten, doch worden anders bespeeld), elk bestaande uit 4 open pijpen van verschillende lengte- 5 KORORON of houten trompetten. Deze houten trompet is een stuk reuzenbamboe met een doorboorde, halve kokosnoot afgedekt
Alle panfluiten en kavaronta hebben 4 toonhoogten (resp. mi,re,si,sol van de kleinste tot de grootste pijp) in verschillende oktaven. De uitvoerders lopen rond in een cirkel, terwijl ze zowel zingen (polyfoon) als hun instrument bespelen.
2. Feestmuziek gespeeld door een Kobi-orkest
3. Vokale, polyfone klaagzang over een moeder die alleen achterblijft met haar kinderen, nadat haar man verongelukte in een mijn. (Nasioi mannenkoor met 20 zangers)
-----------------------------
4. MOSMA of feestmuziek: groepszang (Haku vrouwen en mannen) met:
-3 MABUS of bamboe trompetten,-9 panfluiten en 2 "trompetten", met twee rijen pijpen (3 pijpen per rij)
5. Vokale, polyfone dodenzang (uitgevoerd door Haku mannen en vrouwen)
***
De "bamboo-band" is in de jaren 20 ontstaan op de Solomoneilanden en vanaf ca. 1970 zeer populair en deel van de pan-Pacific popscene. Een zekere Simeon Tava Eke van Roviana zou uitgaande van de traditionele bamboe panfluiten op het idee zijn gekomen bamboebuizen aan te slaan en te stemmen zoals de gitaar en ukulele. Vandaag de dag worden 15 tot 24 op de grond liggende bamboepijpen samengebonden en aangeslagen met bv. een sandaalzool, een kokosnootschelp of met de hand. In het laatste geval worden de pijpen voorzien van membranen. De instrumenten worden als basbegeleiding gebruikt voor gitaren, ukulele's of bij "songs". De traditionele panfluiten, zoals bv. deze van de Are van het eiland Malaiata werden in stemming aangepast en vormen vaak deel van de "band". Vooral liefdesliederen worden nu gekomponeerd, naast kano- en werkliederen.
(Didakt.mat.: Hibiscusrecords, The Solomon Islands -HLS-66 of CS 788-b)
****